Site-archief

Ik loop niet hard

De laatste jaren zie je ze steeds meer in het straatbeeld oprukken. Onder vijftig plussers is wandelen de meest genoten sport. Soms met een partner, vrienden en vriendinnen of met de hond. Wandelen is dan ook erg gezond. Een vorm van beweging die o.a. het risico op hart-en vaatziekten en diabetes verlaagt.

Hardloopschoenen hangend in boom

 

Ik ga dan ook bijna dagelijks aan de wandel met mijn hond of als het even kan, met twee vriendinnen. Jaren zaten we samen op yoga maar toen we besloten om daarmee te stoppen was het wandelidee snel geboren. Wandelen is immers ook beweging. En zo houden we toch contact met elkaar. Een van de vriendinnen heeft de voorgaande jaren nog hardgelopen. Dat is immers ook populair maar zorgde toch voor veel blessures. Tja, wij zijn geen twintig meer, hè?

In een ver verleden heb ik het hardlopen ook geprobeerd. Nee, dat is niet mijn ding. Dat wist ik al na de eerste les. Ik kreeg een begeleide training van een pezig, magere vijftigplusser. Een afgetraind geval dus waarvan ik de ribben kon tellen. De beste man had al meteen commentaar op mijn hardloopschoenen. Ze waren niet slecht maar ik kon me beter goeie schoenen permitteren van bijna tweehonderd gulden! (Ja, zolang is het alweer geleden). Dat dacht ik dus niet. Ik wilde eerst weleens weten of ik het ook leuk zou vinden. Als ik steeds met tegenzin mijn dure loopschoenen aan moest trekken, zou mijn goede voornemen niet lang stand houden.

Windhond

Ik mocht samen met hem na de warming up op proef een rondje lopen om een grote plas. Afwisselend hardlopen en snelwandelen over een zandpad. Het ging goed, dacht ik, want ik kon hem aardig bijhouden. Al moet ik toegeven dat dit eigenlijk mijn enige streven was. Want leuk was anders. Ik vond er niks aan en dat gevoel veranderde niet. Mijn lijf herinnerde me genadeloos aan mijn moederschap, dat ik drie kinderen had gedragen en gebaard want alles aan mijn lijf bewoog op mijn loopritme mee. En dat was een log ritme. Naast deze man die zo soepel als een windhond liep, voelde ik me een boer op klompen. Na een halve ronde kwamen de steken in mijn zij opzetten en raakte ik oververhit. Bovendien moest ik plassen waardoor ik erg benepen ging lopen. Het moet er vast heel raar hebben uitgezien. Maar ik liet me niet kennen en maakte de ronde netjes af. Ik deed zelfs nog mee met de rek -en strekoefeningen. Al kon ik geen puf meer zeggen en was de plas inmiddels extreem hoge nood geworden. Gelukkig mocht ik van de windhond wel even de bosjes in. Zo, dat luchtte op maar mijn enthousiasme kwam er niet mee terug. Ik voelde me verre van energiek en al helemaal niet zo ontspannen als de andere lopers. Was ik dan wel normaal?

Mijn voeten zouden bij elke stap ploffend neerkomen, meer zoals een koe door de wei rent, zeg maar. Dit kon ik vast nog wel verbeteren? Hoofdschuddend werd ik van top tot teen bekeken.‘Het ligt aan je schoenen,’ verzekerde de graatmagere trainer me. Eigen schuld, dikke bult, dus. ‘Volgende keer heb je betere hardloopschoenen aan,’ opperde hij nog en gaf me meteen het adres mee van een dure sportzaak. Dit riekte naar reclame. Maar die volgende keer had ik al naar de wereld der fabelen gestuurd. Vooral de volgende morgen toen ik mijn bed niet uit kon komen van de spierpijn. Ik was er zelfs misselijk van want ik was letterlijk over mijn grenzen heengelopen. Mijn loopschoenen konden de boom in.

Bewondering

Ik ben van huis uit geen watje, echt niet. En ik ben ook zeker niet te lui maar vind het toch knap dat al die hardlopers er de lol van inzien en daarbij weer en wind trotseren. Onbegrijpelijk voor hen misschien maar bij hondenweer hou ik zelfs mijn hond binnen. Ik verwonder mij ook steeds hoe velen met een vederlichte tred lopen richting een marathon om daarbij kotsend en kapot de finish te halen. Of over het doorzettingsvermogen van oudere of gevulde heren en dames die waggelend joggen op een ‘topsnelheid’ welke een peuter op een driewieler bij kan houden. Ze doen het toch maar en bezorgt hen veel voordelen.Het schijnt een kick te geven en helpt tegen spanning en stress. Geeft inspiratie als je met een probleem zit en geeft nieuwe energie. Ja, dat zal best maar ik ben dan niet normaal denk ik. Want ik krijg er van alles van, behalve dat.

Als ik deze ervaring wil delen met doorgewinterde hardlopers vliegen de goedbedoelde adviezen me om de oren zoals: ‘Je moet rustig aan beginnen’ of ‘Je moet een hardloopapp op je telefoon zetten, dat is plezant!’ Een Belgische madam zou mij wel goed begeleiden bij het hardlopen. Als ik maar eenmaal vol zou houden dan zou het binnen de kortste keren een verslavend effect geven. Ik kan niet anders dan vriendelijk bedanken voor dergelijke tips want: ‘Ik wil het niet, ik wil het niet, ik wil het niet!’

Ik ga de ellende na al die jaren ook niet meer opzoeken want inmiddels haken mijn leeftijdgenoten met bosjes af als het om hardlopen gaat. Het lijf wilt niet meer mee. Ondanks een warming up geven voornamelijk de knieën, heupen en enkels er de brui aan.

Dus daarom gaan we massaal aan de wandel.De een loopt lange afstanden tot zelfs de Nijmeegse vierdaagse aan toe. De ander (that’s me) komt het dorp niet uit. So what? Het recreatief wandelen gaat me tenminste wel goed af en is zoveel relaxter. Want onderweg beppen we wat af zonder adem te kort te komen. En goed ademen is ook belangrijk, toch? Bovendien is wandelen zeker zo gezond, als je het maar consequent doet. Nee, ik zal hiermee niet snel het postuur van een windhond krijgen maar wil ik dat wel? Een boerenfox is toch ook gezellig?

Advertenties

Oude schoolagenda’s, dagboeken uit de eighties

Oude schoolagenda's

Bij het opruimen van de zolder kon ik de doos niet weerstaan waarin ik mijn schoolagenda’s bewaar. Ik had het kunnen weten. Voor ik het wist, was ik urenlang ondergedompeld in mijn tienertijd. De jaren 79’ tot en met 83’ met al zijn nostalgie. Een prachtige periode op de mavo waarin mijn creativiteit flink uit de verf kwam.

Aan het begin van elk schooljaar kocht ik naast mijn kaftpapier, schriften en andere schoolspullen bij de V&D, een nieuwe schoolagenda. Dat was meestal een popagenda met veel foto’s van musici uit die tijd. Uit het muziekblad ‘Popfoto’ of de ‘Hitkrant’ knipte ik foto’s van de bands en andere artiesten die mijn voorkeur hadden. Die foto’s plakte ik er dan bij. De artiesten die ik niet waardeerde werden voorzien van snorretjes en brilletjes. Elke agenda was een kruising tussen een scrapbook, dagboek en schetsboek. Naast mijn huiswerk pende ik er mijn belevenissen van het weekend in, gedichtjes en wat ik verder allemaal had gedaan maar dan voornamelijk buiten schooltijd.

1978-1979

Mijn agenda van de eerste klas van de mavo was nog braaf. Veel plaatjes van katten, 7 up en cola. En de film Grease met John Travolta en Olivia Newton John. Ik was gek van Blondie, Kate Bush, Herman Brood soms nog Abba maar de rockbands Kiss en Status Quo domineerden al. Huiswerk en behaalde punten werden nog netjes opgeschreven. Jammer dat een vriendin later dat jaar met waskrijt de naam van vriendje Ad op elke bladzijde heeft gekrast.

1979-1980

Het tweede jaar was rampzaliger. Veel pagina’s zijn vastgeplakt en met Tipp-ex heb ik het schooljaar op de kaft gekwast. De inhoud belooft niet veel goeds want op de eerste bladzijde staat in koeienletters gestift:’DAGBOEK DER ELLENDE‘. Maar het valt reuze mee. De middagen dat ik met vriendinnen in de stad rondhing en de eerste weekenden dat ik uitging waren natuurlijk beregezellig. De plaatselijke soos en de eerste popfestivals uit de naburige dorpen beschreef ik uitvoerig net als de elpees die ik regelmatig kocht in een alternatieve platenzaak. Mijn kleding-en muzieksmaak was rock met een grote R. Spijkerjasje van Lois, superstrakke spijkerbroek van Levi’s (dat hoorde gewoon zo, andersom kon echt niet) en snoeiharde rockmuziek vermengd met Fleetwood Mac, the Police en the Pretenders.

De puntenlijst was wel beneden niveau en niet alleen bij mij. Sommige vriendinnen moesten van school en gingen naar de Spinazieacademie, of wel de huishoudschool. Ik kreeg een herkansing voor de tweede klas. Ik hoopte dat ik wiskunde, een verplicht vak voor de kunstacademie, daardoor wel ging snappen want voor mij lag een creatieve toekomst in het verschiet.

1980-1981

Dit schooljaar was een makkie en behoorlijk gezellig. Voorheen had ik in een meidenklas gezeten met, echt waar, veel stadse kakkers die onder de les hun haren krulden met een krultang. Zwaar opgemaakte dames die de kraag van hun bloesjes omhoog zetten en hun pastelkleurige truien over de schouders hingen. Het was moeilijk geweest om bij mezelf te blijven. Nu kwam ik in een gemengde klas met voornamelijk dorpskinderen. Ik werd verkozen tot klasse-oudste en moest bij elke les het klasse-boek meebrengen waarin het strafwerk en de uitgezette leerlingen werden opgeschreven. Daar stond mijn naam ook veelvuldig tussen, misschien gaf ik met die functie toch niet helemaal het goede voorbeeld.

Het was een wild jaar zo te zien. Met deze agenda is veel gegooid want hij valt bijna van ellende uit elkaar. Op de kaft een foto van Angus Young. De AC/DC  gitarist die beroemd werd door zijn schooluniform met schooltas op de rug en zijn eigenzinnige loopje op het podium.

Dit jaar zijn alle bladzijden met viltstiften gekleurd en voorzien van stickers, advertenties en krantenartikelen van plaatselijke muziekbands die ik bezocht. Ergens daartussenin een krantenknipsel van de romantische bioscoopfilm ‘The Blue Lagoon’ met natuurlijk een foto daarbij van Christopher Atkins, de blonde krullenbol die ik wel een lekker ding vond. Mijn vriendje van toen had echter halflang zwart haar.

Schooljaar 81′-82

Dat jaar heb ik gekozen voor scheikunde in mijn vakkenpakket waardoor ik dat lesuur in een jongensklas terechtkwam. Maar dat vond ik alleen maar gezellig. Je kon als meisje ook gewoon vrienden zijn met jongens, zonder te zoenen. Jongensdingen vond ik stoer, daar hield ik eigenlijk wel van. Daarom in deze agenda veel foto’s van crossmotors, een rode Kreidler (want die had mijn vriendje) en bier. Daartussenin de onver(meid)elijke romantische gedichtjes met plaatjes van zoenende stelletjes. En een paar pagina’s met foto’s van de populaire televisieserie Dallas waar ik geen aflevering van kon missen. Ergens op een bladzijde heb ik eind april 1982 het concertkaartje van Queen geplakt, mijn eerste grote concert in de Groenoordhal in Leiden. Ik ging er samen met mijn vriendin Jorine heen. Wat een onvergetelijke ervaring was dat!

1982-1983

Deze agenda valt vanzelf open op de bladzijde waarop ik een oud verzekeringsplaatje van mijn brommer heb vastgelijmd. De bordeauxrode Puch Maxi waar ik overal mee naar toe scheurde.

Deze agenda oogt al een stuk rustiger door de keurig schuingetekende arceringen over de huiswerkopdrachten. Tegenwoordig noemen we dat een vorm van Zentangle. Geen schreeuwerige teksten meer van vriendinnen die mijn agenda vol kalkten met jongensnamen waarop ik verliefd zou zijn. Hier en daar nog wel songteksten van populaire liedjes en consumptiebonnen van de cafés die ik in de weekenden bezocht. Het Belgisch uitgaansleven en de Belgische bieren domineren. Ik heb er zelfs de Vlaamse vorkjes van de friettent bijgeplakt. In 1983 had ik immers verkering met een Belgische jongen wiens naam gedurende dit schooljaar in kunstzinnige lettertypes mijn agenda sierde.

1983 was een keerpunt. Mijn examenjaar, mijn eerste echte liefde, mijn eerste grote liefdesverdriet en mijn eerste baan. Het jaar dat ondanks de goede examenpunten voor mij niet geweldig was. Dat jaar stond ik op een kruispunt waarop ik naar mijn gevoel de verkeerde afslag heb genomen. Mijn droom om iets creatiefs te gaan doen bleek een luchtbel die knapte, waardoor mijn zin om te tekenen helaas afnam. Er was ook geen tijd meer voor want ik had een baan. Daardoor was dit mijn laatste schoolagenda en verdween daarmee tevens mijn laatste stukje creativiteit.

Met veel melancholie sla ik deze agenda dicht en stop hem samen met de anderen terug in de doos. Mijn dromen van toen zijn voor een groot gedeelte inmiddels de realiteit van vandaag. Met een grote omweg ben ik toch weer op het creatieve pad terecht gekomen om er niet meer vanaf te stappen. (Lees mijn vorige blog: De tekenles van mijn leven) Ik gebruik ook weer een agenda maar die is wat dunner, overzichtelijker en draagt niet meer de titel; ‘dagboek der ellende’. 

Gelukkig maar.