Site-archief

Carnavals creaties

Carnavalswagen van CV de Mennekes Gilze, 2010

Wagen van CV de Mennekes Gilze, 2010

Dit weekend is het weer zover: Carnaval! Ik verwonder me elk jaar weer hoe creatief mensen worden van dit feest. De prachtige praalwagens tijdens de optocht en de uitgedoste kostuums. Blijkbaar zit er in elke carnavalsvierder wel een dotje creativiteit.

Mijn carnavalspakskes

Als Brabantse ben ik met carnaval opgegroeid al is het me niet met de paplepel ingegoten want mijn ouders kwamen niet verder dan de optocht. Toch hees mijn moeder me ieder jaar weer in een carnavalspakske. Op mijn vierde kreeg ik een blauw boerenkieltje aan met een rode zakdoek om mijn nek en daar moest ik het mee doen. Ik bleef echter zeuren om een Zorropak maar kreeg dat niet, dat was voor jongens. Ik had alleen het masker, een rare combinatie bij mijn boerenkiel.

Toen ik naar de lagere school ging, hoste ik in een vijfde(!)hands indianenpakje maar in de vierde klas wilde ik liever iets voor meisjes. Holly Hobbie was destijds helemaal hot. Dat kwam mede door een populaire kinderserie op tv. Ik keek destijds naar ‘Het kleine huis op de prairie’. De meisjes in de serie droegen daarin een wijde jurk met een schortje. Op hun hoofd droegen ze een grote slappe hoed. Mijn vriendinnetje kreeg van haar ouders een gloednieuwe Holly Hobbiejurk voor carnaval. Dat wilde ik ook en gelukkig begreep mijn moeder dat. Maar we gingen niet naar de winkel. Mijn moeder was zo creatief dat ze achter haar antieke trapnaaimachine kroop en in een middag zo’n zelfde outfit in elkaar stikte van haar oude jurken. Die was pas uniek, ik was er dan ook superblij mee.

Deuzige dorustrui

In het laatste jaar op de lagere school droeg ik een dorustrui, wie niet eigenlijk? Iedereen liep tijdens carnaval rond in zo’n strepenshirt. Wat daar grappig aan was, snap ik nog steeds niet. Maar het was wel gemakkelijk, je was meteen klaar. Daar ging dan een spijkerjasje zonder mouwen overheen wat ik bont versierde met viltstiften. Mijn moeder kroop weer achter de naaimachine en maakte daarbij een strakke gouden broek.

Op mijn zestiende was ik even inspiratieloos en kocht een heksenjurk compleet met kromme pukkelneus. Maar een jaar later was ik het alweer beu, er waren al zoveel meiden met zo’n jurk. Ik wilde weer creatief uit de hoek komen en trok een bloemetjesjurk bij mijn moeder uit de kast en leende haar foamkrulspelden. Mijn oma had nog een fout brilmontuur en een degelijke oma-tas. Lekker tuttig.

Carnaval hoeft dus niet duur te zijn en dat kwam goed uit toen we pas getrouwd waren. Manlief en ik kochten alleen een holbewonerspruik. Hij had een piekhaarpruik compleet met snor en baard en ik had lang ravenzwart haar tot op mijn kont. Daaronder droegen we slechts een juten zak en plastic knuppel alsof we zo uit onze grot waren gekropen.

100_3858

Carnavalswagen

Ook onze jongens hebben wij al jong laten proeven van het carnavalsfeest. De piraten-en soldatenpakjes waren een must in het jongensgezin. Daarvoor hoefde ik niet achter de naaimachine.

Jaren later bleek oma’s creativiteit toch in de genen te zitten. De oudste heeft zes jaar lang een carnavalswagen gebouwd. Hij was er vanaf september met zijn vrienden mee bezig en wij maakten als ouders van dichtbij mee wat een boel stress dit gaf. Maar als vriendengroep leerden ze er veel van. Niet alleen ontwerpen, tekenen, lassen, plakken en gazen. Niet alleen techniek en spuiten maar ze leerden ook om creatief te zijn in de omgang met elkaar. Want geloof me, het vergt een hoop teambuilding, overleg en respect om uiteindelijk in de optocht te rijden.

De eerste jaren hielpen wij met de andere ouders nog mee. We waren trots op onze kroost en vonden het niet meer dan normaal om daarbij een creatief handje toe te steken. Er waren vaders die hielpen met de hydraulische bewegingstechnieken of zorgden voor een trekker met chauffeur. Moeders die broodjes bakten, plakten en de kledingcreaties maakten. Ik mocht in de laatste week met mijn airbrush de finishing touch geven aan de wagen. De fijne details, zoals de schaduwen, tanden en ogen. Dat was meer mijn ding. Dat deed ik bij voorkeur overdag als ik alleen met mijn zoon in de bouwschuur was. Terwijl zijn vrienden op school zaten spoot hij illegaal de grote vlakken in kleur. Ik geef toe, dat ik hem jarenlang in die laatste week voor carnaval, ziek heb gemeld. Tja, al die spanning deed hem geen goed natuurlijk. 😉

Ik heb slechts één keer voor de optocht achter de naaimachine gekropen om samen met een andere moeder voor de jongens een elfenjurk te naaien, compleet met geairbrushte vleugels. Dat was voor een keer leuk om te maken maar het motiveerde me niet om dat jaarlijks te doen. Het vergt enorm veel tijd en inzet en dat had mijn moeder net iets meer dan ik.

Creatief zoeken

Dus naarmate ik ouder wordt zakt rondom carnaval het creatieve niveau tot nul. Ook ontbreekt de zin om iets nieuws te kopen. Een carnavalspakske waar er duizenden in rondlopen vind ik maar niks. Dit jaar duik ik daarom hoopvol in mijn carnavalskast om een unieke creatie bij elkaar te zoeken. Er hangt vast nog wel iets origineels tussen waar ik me als vanouds goed in voel. Wie weet, wordt het wel een klassieker uit de early eighties : de retro Dorustrui.

Advertenties