Site-archief

Reünie op café

Belgisch bier en auto's uit jaren 80

Wat is er leuk aan om mensen die je jarenlang niet gezien of gesproken hebt weer te ontmoeten op een reünie? Wat bezielt ons om daarheen te gaan? Ik heb er vorige week weer een gehad en vond het gezellig om tussen de vijftigplussers herinneringen aan vroeger op te halen.

Happy Hour

Nee, het was geen reünie van familie of een school maar van een café. Een café wat net over de grens in België staat, dat tegenwoordig meer een koffiebar is. Het cafeetje waar ik begin jaren tachtig op de brommer heenging en waar ik mijn eerste trappist heb gedronken. Ik was zestien en meegevraagd door mijn vriendinnen van school die dit kleine barretje al eerder hadden ontdekt. Op zaterdag-en zondagavond zaten we al om zeven uur aan de toog (indrinken tijdens happy-hour) totdat we tegen half elf naar een grote discotheek in België gingen of naar een zaaltje waar een band speelde.

Via facebook en een goede vriend werd ik uitgenodigd voor deze reünie die in een Nederlands café plaats ging vinden. Dit café was eveneens nostalgie want ook daar was ik al die jaren niet meer geweest. De indeling was nog steeds hetzelfde maar het leek mij zoveel kleiner dan toen. En ik ben toch echt niet gegroeid!

Ik had nog gevraagd aan andere oude vrienden en vriendinnen om mee te gaan maar die waren niet zo enthousiast. Een reünie is immers ook een spannend evenement. Voor hetzelfde geld ken je er niemand meer van terug. Weet je ook niet wat je toch allemaal tegen die ‘wildvreemden’ moet vertellen? Ja, als je elkaar bijna 30 jaar niet gezien of gesproken hebt is dat zeker eng. Maar ik wilde de gok wel wagen.

Herman Brood fan

Eenmaal in de zaal moest ik toch wel even slikken. De vergrijzing had hier duidelijk de overhand. Veel cafégangers met een terugtrekkende haargrens, brede middenscheiding of gelijk zo kaal als een biljartbal. Gevulde heren, grijze haren, gerimpeld gelaat, vollere dames. Daar tussenin stond de oude discjockey die nog steeds fan van Herman Brood bleek te zijn, gezien zijn mouwloze t-shirt met gelijknamige opdruk en grote ravenzwarte kuif. Hij was duidelijk in de jaren tachtig blijven hangen, compleet met hangbuik en gekleurde lampjes in zijn schoenzolen. Alleen zijn rimpels verraadden dat hij al zeker 60+ moet zijn.

Matjeskapsels en snorren

Al kon ik bijna niemand tussen dit half bejaarde volk herkennen, IK werd dat wel. En dat was natuurlijk erg leuk. Minder was het om diegene die zo enthousiast mijn naam riep, totaal niet thuis te kunnen brengen. Gelukkig dat ik van alle kanten werd geholpen terwijl ik diep in mijn grijze hersenmassa dook. En inderdaad, ik moest even door de bril en het kapsel heen kijken alvorens bij mij een lampje ging branden.  Aan de andere kant van de zaal zwaaide niet veel later enthousiast een vrouw met kort grijs haar. Ik herkende haar alleen aan haar ogen. Alles leek aan haar veranderd, behalve haar blauwe kijkers en haar stem. En dat gold voor velen. De lange haren blond of bruin, de matjeskapsels of gepermanente krullebollen, de vele snorren: ze waren allemaal verdwenen.

Belsen en Ollanders

Onder de gasten waren naast Hollanders ook veel Belgen. ‘Amai! Gij bent nie veel veranderd, sunne! Nog sjuust dezelfde.’  ‘Wat dachte gij? Ik gaon effekes een pientje pakken op café’ Een Jupiler welteverstaan, grote glazen tegen een jaren 80 prijsje.

De band begon te spelen en al snel vulde de zaal zich met oude rockklassiekers. Al vanaf het eerste nummer gingen de midlife voetjes van de vloer. Maar ik had het druk met kletsen want tussen al dit grijs herkende ik steeds meer bekenden van toen. Hoe was het iedereen vergaan in de afgelopen dertig jaar? De een gescheiden, de ander gelukkig getrouwd. Naarmate het Belgisch bier rijkelijk werd getapt, vielen de grenzen weg. Herinneringen aan een oud Belgisch vriendje die niet op was komen dagen. Te druk natuurlijk als vader van vijf kinders. Amai!

Opel Manta’s voor de deur

En na de herkenning werden alle herinneringen aan het café en het eenvoudige interieur opgesomt. Flashbacks aan het voetbalspel dat eigenlijk altijd bemand was. Lol hebben om keihard de kurken bal door het café te shotten. En dan was daar de flipperkast die we meer als biertafel gebruikten. De kleurrijke discjockey die naast Herman Brood ook vaak the Police draaide, Iron Maiden, AC/DC maar ook de Dolly Dots en het schuifelplaatje ‘Je t’aime’. Het was de tijd dat ik voor het eerst hoorde van U2 met de hit; ‘I will follow’, een plaat die mij nog steeds aan die tijd doet terugdenken. Voor de deur stonden de Kreidlers, Zündapps en Puchs  tussen de allereerste Golfjes en de laatste Ford Capri’s en Opel Manta’s. De auto’s van toen waren gepimpt met joekels van mistlampen. En de vaste klanten hadden een doorzichtige groene zonneweringsticker op de voorruit geplakt met de naam van het café erop geprint.

We herinnerden ons de totaal onverwachte invallen van de rijkswacht. Hoe ik veel te  lang op het toilet was blijven zitten en buiten de deur door een agent werd opgewacht omdat ik verdacht klein was voor een zestienjarige. Ik had geen identiteitskaart maar uiteindelijk mocht ik met mijn bromfietsverzekering op café blijven. Dat was een geluk want vooral Hollanders waren vaak de pineut bij zo’n inval. Sommigen moesten met het politiebusje mee richting bureau en werden bang gemaakt met een nachtje cachot. Dat was minder.

Cafévoetbal

Weet je nog? Het Haacht bier waar je steevast elk weekend hoofdpijn van kreeg. Het meisje dat destijds stilzwijgend in korte tijd een dikke buik kreeg en nu een slanke moeder van een dertigjarige dochter is. De Amsterdamse uitbater van het cafeetje die na dertig jaar een Belgische tongval heeft gekregen. Op zaterdagmiddag voetballen tegenover het café, de trainingen die niets toevoegden aan ons talent. De liters spa Rood die ik daarbij dorstlessend heb leren drinken. Het donkere gangetje waar de kapstok was, waar je nooit je jas terug kon vinden maar tussen de leren jassen wel heel discreet kon zoenen.

Allemaal herinneringen

Gek hè dat je daar als vijftiger weer zo blij van kan geraken. (Op z’n Vlaams gezegd) En ik niet alleen. Die avond heb ik telefoonnummers uitgewisseld en belooft via facebook contact te houden. Want mocht er geen reünie van dit cafeetje meer komen, dan kunnen we elkaar altijd nog achterhalen. Om nog meer herinneringen op te halen gedurende de komende jaren van aftakeling en ouderdom. Terwijl we allemaal nog grijzer worden en haargrenzen nog verder terugtrekken houden we onze grens tussen Holland en België open: SCHOL!

Advertenties

De boerenovertrek

Boerenovertrek: huifkar vol feestende jongeren

Tja, en dan ineens heeft mijn zoon samen met zijn vriendin een huis gekocht. Ze gaan samenwonen. ‘Dat moet gevierd worden,’ hebben de vrienden en vriendinnen van het stel bedacht. Met een beetje hulp van de ouders moet dat wel lukken natuurlijk.

Een overtrek strijken?

Een paar dagen voor de grote dag kreeg ik een berichtje van een vriendin van mijn schoondochter. De vriendengroep wilde een ‘boerenovertrek’ voor het stel organiseren. En of ik mijn strijkplank en strijkijzer die dag even kon missen. Nou moet ik zeggen dat ik totaal niet bekend was met het fenomeen ‘boerenovertrek’ dus heb ik het berichtje drie keer gelezen voordat er een kwartje ging vallen. Och ja, een soort van vrijgezellenfeestje voor samenwonenden dus. Wist ik veel. Pa moest het berichtje ook even op zich in laten werken voordat ook hij het begreep. In West-Brabant is dit nog niet zo bekend. Het had dus niets van doen met een dekbedovertrek dat gestreken diende te worden. Aaaah zo!

Boerentraditie

Onder twintigers is zo’n overtrek helemaal hot en happening. Dus heb ik navraag gedaan waar die traditie vandaan komt. Op zijn boerenklompen gezegd: ‘is het via via over komme waoien uit d’n polder’. Vroeger werd een boerenovertrek door het nieuwe buurtschap geregeld. Het boerenstel werd met een huifkar opgehaald alsmede hun inboedel en die werd naar de nieuwe boerderij verhuisd. Onderweg werd bij elk café even gestopt voor een borreltje. Een soort van verijdelde kroegentocht dus. Omdat mijn zoon en diens vriendin beiden in de agrarische sector werken, had het geheel met recht een boerentintje.

Huifkar vol bier

Het was een verrassing. Dus zondagmiddag was het nog spannend om mijn zoon en zijn vriendin aan de praat te houden. Het zou toch niet zo zijn dat ze het in hun hoofd gingen halen om meteen uit bed te vertrekken naar, weet ik waarheen? De hele vriendengroep zou naar ons huis komen met een lunch, koffie en de nodige alcoholische versnaperingen. Dat viel niet mee na het zwaar lichamelijk feestje van de vorige avond dat tot vroeg in de ochtend had geduurd. De kater was echter snel vergeten toen de tractor met huifkar voor ons huis stopte. Dat ging in de buurt niet ongehoord voorbij. Een vriend van mijn zoon had ervoor gezorgd dat een goede beat tot ver in de omtrek te horen was. Een complete draaitafel met enorme boxen op de kar maakten het feestje compleet. De ‘boerinnen’ droegen hotpants en rode zakdoeken en een enkeling een boerenpet. De ‘boeren’ droegen alleen een fles bier. Maar mijn zoon en zijn vriendin moesten ondanks de hitte, een dik koeienpak dragen bij alle spelletjes die ze nog gingen spelen.

‘Mocht die zwetende bilnaad morgen toch wat gaan irriteren dan heeft moeders daar nog wel een zalfje voor hoor,’ zei pa een beetje plagend. Tja, dat zorgen moet ik nu toch echt af gaan bouwen.

Mannen die strijken

Op het erf werd mijn strijkplank en strijkijzer in gereedheid gebracht. Het eerste spel kon beginnen. Het ging erom wie binnen drie minuten het beste een blouse kreukvrij kon strijken. Nou was ik niet bang voor het resultaat van mijn schoondochter maar mijn zoon had nog nooit een strijkijzer vastgehouden, laat staan iets gestreken. Ik ben ook nog van de generatie waarbij moeder, het strijkwerk zonder mopperen op zich heeft genomen en het blijft doen tot hij het ouderlijk huis verlaat. Mannen die strijken vind ik zelfs een beetje verwijfd, maar het is tegenwoordig de normaalste zaak van de wereld bij de jongere generatie. Och arme, het menneke. De blouse werd een beetje onhandig over de plank getrokken en ook het strijkijzer gleed daar een beetje onwillig overheen, maar het resultaat was uiteindelijk een plaatje.

Na het spel werd alles (voornamelijk kratten bier en flessen wijn) in de huifkar geladen en werd onder het gebonk van de house van tegenwoordig een tweede fles bier opengetrokken. Dat hadden ze wel verdiend op deze hete zondagmiddag. De vrienden klommen weer op de huifkar en zongen en sprongen op de muziek. Die reed niet veel later langzaam maar schuddend de straat uit. Heerlijk! Duidelijk een moderne versie van de boerenovertrek. Van nostalgie was allang geen sprake meer.

Hilarische spellen

Na een rondje door het dorp werd de huifkar aan de kant van de weg geparkeerd tegenover de stamkroeg. Daar moesten zij een auto wassen. Met natte nauwkeurigheid werd de opdracht voltooid. En ook hier werd nadien weer op een alcoholische beloning getrakteerd voordat de menigte naar het tijdelijk onbewoonbaar verklaarde stulpje van het stel reed.

Aldaar wachtte een smetteloos wit doek hen al op. De opdracht was: het schilderen van het mooiste deel van de partner. Ik was hier niet bij, maar kan mij er wel een voorstelling bij maken welk lichaamsdeel zij van elkaar aan het canvas hebben toevertrouwd. Hun kunst zou daarom wel beperkt blijven tot de slaapkamermuur. Onder het genot van jawel, een biertje en een koppijnwijntje zijn hun schilderijen beoordeeld waarna de reis werd voortgezet naar het ouderlijk huis van schoondochter. Daar moest tenslotte een taart versierd worden en opgegeten. En bij zo’n mond vol, moet nogal wat weggespoeld worden. Dus maar weer een biertje en een borrel.

Dorstlessende afsluiting

Aan de overkant van de straat werd in het café de boerenovertrek tenslotte met het nodige gerstenat en druivensap op alcoholbasis afgesloten. Rond negen uur streek zoonlief weer neer op het ouderlijk nest. Zijn armen en shirt onder de verf, doodop, spierpijn en met ogen die alleen nog maar dicht wilden, stond hij te tollen op zijn benen. Hij was de enige niet, maar dat was ook het weinige dat hij nog met zekerheid kon zeggen. De boerenovertrek was geslaagd, maar daadwerkelijk verhuizen kan pas over een half jaar als hun huis verbouwd is. Dan staat er een ‘housewarming’ op de planning. Zonder bezweet koeienpak maar met opnieuw de nodige verfrissende dorstlessers. Een traditie is er om in ere te houden, nietwaar?